Pieter Desmet

A-Z Lezing Pieter Desmet 30.11.2010
Verslag door Barbara Kok

Pieter Desmet is ontwerper en wetenschapper. De rode draad in deze lezing is emotie en hoe ontwerpers deze kunnen beïnvloeden aan de hand van hun producten. In het eerste deel heeft Pieter Desmet het over productemotie, in een tweede deel over de emotie die de meeste mensen nastreven, namelijk geluk.

Product & Emotie

Als men  op straat vraagt wat design  is zal men dit vaak niet kunnen beschrijven en het eerder benoemen als producten met net dat (niet definieerbare) ietsje meer. Pieter Desmet is gefascineerd door dit “ietsje meer” en beschrijft dit als de magie van design.  Gaandeweg in zijn carrière heeft hij deze magie proberen te ontrafelen en is hij tot de conclusie gekomen dat deze magie ontstaat uit emoties die producten oproepen.  In deze lezing werd gefocust  op het begrijpen van emoties. 

Emoties zijn  divers en subjectief maar toch universeel.   Alle producten roepen een emotie op.  Deze zowel positief als negatief zijn , sterk of zwak, maar ze zijn steeds aanwezig. Bij productemotie gaat het over een wisselwerking tussen mens en product. Enerzijds heeft de mens-product interactie effect op de emoties (vb een fles die we niet open krijgen wekt irritatie), anderzijds hebben de emoties een effect op de mens-product interactie (vb diezelfde fles is een zeldzame goede wijn en heeft daarom zo’n  emotionele waarde voor de wijnliefhebber waardoor  het feit dat de fles niet goed open gaat hem veel minder gaat storen).

Slapende Demonen

De functie van negatieve emoties kan worden verklaard aan de hand van de “behaviour adaptation” theorie( e.G. Klaus Scherer). Hun functie  is het reageren op de wereld waarbij de cognitie als functie heeft het begrijpen van de wereld. Emoties hebben een adaptieve functie en zorgen ervoor dat we zeer snel op situaties zullen reageren.  Een zeer goed voorbeeld is de “fight or flight” reactie bij angst,  maar ook de reflex om iemand die de straat wil over steken tegen te houden als er een auto razendsnel komt aangereden. Deze voorbeelden zijn reacties op negatieve emoties en hebben een beschermende functie.  Deze negatieve emoties  gedragen zich als Slapende Demonen, ze ontstaan alleen als de situatie hen wakker maakt (de fles die niet open wil).  Bij het emotie gericht ontwerpen wil men deze Demonen in slaap houden.

Beschermende Engelen

Positieve emoties kunnen verklaard worden door de “broaden and build” theorie (e.g. Barbara Fredrickson).  Positieve emoties zorgen ervoor dat men gaat spelen (en daardoor leren). Het stelt mensen in staat om nieuwe denk-actie patronen te creëren, hun focus te verbreden en zich persoonlijk te ontwikkelen.

Als men door een bril van emotie naar design kijkt dan valt op dat de magie van producten ontstaat door  de positieve reacties die het oproept bij de mens. Of door de combinatie van positieve en negatieve emoties, paradoxale emoties. Zo zal bijvoorbeeld het stappen op een glazen terras in een wolkenkrabber  tegelijkertijd angst en fascinatie oproepen (lekker griezelig).

Verlangen, Verrukking & Inspiratie

Zoals de inleiding al vermeld, zijn emoties subjectief en voor ieder individu verschillend. Dit is ook zo voor producten.  Voor ontwerpers is het interessant om te weten hoe men emoties taxeert.  Pieter Desmet haalt hiervoor de taxatie theorie (Magda Arnold (1960) aan: “Emotie is het resultaat van taxatie; een intuïtieve evaluatie van de situatie voor iemands welzijn. De taxatie verbindt de stimulus aan de persoonlijke belangen.”

Als men producten gaat taxeren zijn er 3 kerntaxaties: bruikbaarheid, plezierigheid en rechtmatigheid. Bij de taxatie van de bruikbaarheid kijkt men naar de mate waarin iets helpt om doelen te bereiken of dit juist belemmert. Bij plezierigheid kijkt men of iets plezierig of aantrekkelijk is, of niet. Bij de taxatie van rechtmatigheid gaat men kijken in welke mate producten aansluiten bij  iemands normen en verwachtingen.  Een logisch gevolg van deze taxatie is dat men bij producten vaak conflicterende emoties gaat hebben; vb chocolade is lekker (plezierigheid) maar, als men naar zijn gezondheid kijkt, ook belemmerend (bruikbaarheid).

Als men naar de mens-product interactie kijkt speelt emotie zich op 3 niveaus af:

  • Product-focus: de emotie gaat over het object zelf. Hier spreekt men van object-appèl:  de mate waarin het product begeerlijk is. Een  auto kopen omdat hij een mooi model of kleur heeft, leuke zetels…

  • Activiteit-focus: de emotie gaat over de situatie. Hier spreekt men van activiteit-appèl: de mate waarin de activiteit begeerlijk is. Een snelle auto kopen omdat men graag snel rijdt.

  • Zelf-focus: de emotie gaat over het individu zelf. Het bezit en gebruik hebben een invloed op onze identiteit. Hier spreekt men van zelf-appèl: de mate waarin ik begeerlijk ben. Een auto kopen  om zichzelf op eender welk moment vrij onafhankelijk van anderen te kunnen verplaatsten, maakt het individu flexibel en onafhankelijk.

Aan de hand van deze taxatie heeft Pieter Desmet de gelaagdheid van de productemoties in kaart gebracht.

 

Voor ontwerpers is deze matrix een handig hulpmiddel om enerzijds de emoties van producten  bespreekbaar te maken en anderzijds om tijdens het ontwerpproces op meer te focussen op bepaalde lagen  om zo tot beter producten te komen.

Geluk: ontwerpen om alles te worden wat je kan zijn

Negentig procent van de mensen wil gelukkig zijn; een gelukkig leven is een aantrekkelijk leven. Gelukkige mensen zijn creatiever, inventiever, gezonder hebben meer zelfvertrouwen en dragen meer bij aan de gemeenschap.  Gelukkig zijn is het leven positief beoordelen en je goed voelen. Geluk bestaat uit twee elementen; cognitief en affectief. Enerzijds is er het bewust oordelen over de levenstevredenheid , cognitief, en anderzijds  het ervaren van positieve emoties in het alledaagse leven, affectief. Mensen denken vaak dat hun geluk sterk bepaald wordt door de situatie waarin ze zich bevinden en externe factoren (vb ik zou gelukkiger zijn als ik meer geld, tijd, een groter huis… zou hebben ). Maar uit onderzoek blijkt dat deze situationele en omgevingsfactoren slechts voor tien procent een effect hebben op het geluk. De helft wordt bepaald door het aangeboren temperament (het talent bezitten om gelukkig te zijn) en voor veertig procent is geluk afhankelijk is van bewust gedrag.  Men is met andere woorden voor een groot stuk zelf verantwoordelijk voor het eigen geluk.

Een gelukkig leven is een betekenisvol leven en heeft twee grote drijfveren: hedonisme en waarden. Men  vindt geluk door  enerzijds  te streven naar een ‘plezierig’ leven (hedonisme, Socrates):  vervulling door het genieten van de plezierige dingen in het leven. En anderzijds het streven naar een ‘virtuoos’ leven (waarde gedreven, Aristoteles):  vervulling door het beste te halen uit jezelf.

In volgend schema ziet men de verschillende onderdelen van de wisselwerking tussen design en geluk, het geeft de verschillende componenten aan die men in handen kan nemen om voor zichzelf een gelukkig leven te ontwerpen.