Gijs Bakker

A-Z lezing Gijs Bakker 16.11.2010

Verslag:Solange Roosen

Gijs Bakker *, een gevestigde naam in design wereldwijd, stak op 16 november 2010 in Hasselt een inspirerend verhaal af over zijn persoonlijke carrière, maar liet ook veel designers van jongere generaties de revue passeren die mede door zijn denkwijze zijn gevormd.

Gijs Bakkers carrière overspant al bijna een halve eeuw en de invloed die zijn visie op design op zijn breedst en sieraadontwerp in het bijzonder heeft binnen de internationale designwereld, valt niet te onderschatten.

Die visie is in al die jaren in wezen niet veranderd: Bakker ontwerpt vanuit een innerlijke noodzaak; ieder ontwerp moet een betekenis en daardoor een bestaansreden hebben en kan niet alleen maar ‘mooi’ of ‘functioneel’ zijn.

Bakker begint zijn verhaal met voorbeelden van zijn werk uit de jaren 1960 en toont vervolgens op een niet-chronologische wijze zijn loopbaan tot op de dag van vandaag. Zo krijg je aan de hand van de vele slides van objecten en projecten een goed beeld van Bakkers ideeën, leidmotieven en preoccupaties.

Een lullig sieraad

Met de ‘fantastische onwetendheid van de jeugd’ zoals hij het zelf noemt, breekt Gijs Bakker in de jaren 1960 radicaal met de traditionele, ambachtelijke waarden van de edelsmeedkunst waarin hij is opgeleid. De sieraden die hij in die jaren maakt zijn enorme plastic gevallen die de draagbaarheid en het hele concept van een juweel als esthetische decoratie tarten.

Naast de kunststof sieraden, experimenteert hij ook met minimale ingrepen op het lichaam, zoals een gouddraad die de bovenarm afbindt; als je deze weg haalt hou je alleen nog maar een afdruk over, een markering van het lichaam. Op deze manier zoekt hij de absolute grenzen op van wat een sieraad kan zijn en onderzoekt hij wat een sieraad in essentie kan betekenen.

Dit kort op de huid zitten is wat Gijs Bakker, nog altijd, zo aanspreekt aan juweelontwerpen. Een sieraad, zo zegt hij, is het meest lullige, onnodige, decadente product dat je kan ontwerpen, je hebt er niets aan. Maar het is wel het ontwerp dat het dichtst bij je komt, heel lichamelijk en persoonlijk kan worden.

Sieraad vs industrieel design

Of het nu een armband of een stoel is, de manier van ontwerpen blijft bij Gijs Bakker dezelfde; hij gaat uit van een vraag, onderzoekt en deconstrueert zijn onderwerp en komt zo, proefondervindelijk, tot een concept en uiteindelijk tot een eindproduct.

Hij illustreert dit met een verhaal over een uitnodiging die hij en andere ontwerpers begin jaren 1990 kreeg om een doodgewone, in massa geproduceerde eettafelstoel onder handen te nemen. Omdat de stoel zo log en zwaar is, redeneert hij, wil hij hem lichter maken, en hoe maak je iets lichter? Door er gaten in te boren. Uiteindelijk gaat het er in deze geperforeerde stoel meer over wat achter de gaten steekt, dan over de gaten zelf. Met dit idee van geperforeerde oppervlaktes gaat hij verder aan de slag door o.a. ook een behang met gaten erin te maken, waardoor je als je je interieur vernieuwt door te behangen, toch nog contact houdt met het verleden, dat door de gaten heen nog aanwezig blijft.

Een perfect voorbeeld van de denk- en werkwijze van Gijs Bakker en voor hem luidde deze ervaring ook het tijdperk van Droog Design in.

Droog Design

Gijs Bakker illustreert de weg die Droog Design heeft afgelegd met voorbeelden van de vele producten en projecten die Droog heeft voortgebracht, haar ontstaansgeschiedenis, succes en duidt de gedachte achter het merk.

De presentatie van een groep jonge Nederlandse ontwerpers met een gelijkaardige, conceptuele, ‘droge’ manier van aanpak op de Meubelbeurs in Milaan in 1993, slaat in de internationale designwereld in als een bom. De ladekast van Tejo Remy, bestaande uit een groot aantal oude, gestapelde laden, bijeengehouden door een band, de sloophouten meubels van Piet Hein Eek, de kroonluchter van 85 bijeengebonden gloeilampjes van Rody Graumans; Droog levert instant designklassiekers af. Blijkbaar heeft deze groep ontwerpers de tijdgeest te pakken, ‘er hing iets in de lucht’ zoals Gijs Bakker het verwoordt. Bakker wijst er ook op dat begrippen die nu algemeen bekend zijn binnen design, toen gloednieuw waren, zoals het verhalende aspect van een ontwerp, het belang van de ervaring en de context waarbinnen het is gemaakt en de betekenis van eenvoud en recycling.

Tot dan toe dacht men bij Design aan luxueuze Italiaanse vormgeving, Dutch Design was onbestaand. Gijs Bakker vertelt dat de generatie Nederlandse ontwerpers die begin jaren 1990 afstudeerden terecht kwam in een land waar geen zicht was op een job; de industrie (textiel, keramiek, schoenen,...) was verdwenen uit Nederland. Daarom werden ze ook opgeleid vanuit de gedachte: als je ideeën hebt, maak en toon ze, werk zoals een kunstenaar dat doet, autonoom. Dat  denkbeeld heeft onder designers de jaren daarna een grote vlucht genomen.

Voorts somt Bakker nog een aantal projecten op ter illustratie van de werkwijze van Droog: de beroemde inrichting van de winkel van het tassenmerk Mandarina Duck waarin de tassen worden opgehangen aan de muur met zoiets banaals (maar dat daardoor ook juist iets geniaals heeft) als Hollandse fietssnelbinders. Of de opdracht voor  het park in Oranienbaum, Duitsland, waar Jurgen Bey geen nieuw buitenmeubilair creëert, maar een liggende boomstam, waar de mensen sowieso al op zaten, transformeert door er in brons gegoten, antieke rugleuningen in te zetten, de zogenaamde Tree-Trunk Bench.

Het project Dry Tech in 1996, levert door samenwerking met de Technische Universiteit Delft een aantal interessante ontwerpen op waar design en nieuwe hoogtechnologische technieken samenkomen. Bekendste voorbeeld is wel de Knotted Chair van Marcel Wanders, waar het spanningsveld tussen ouderwets, artisanaal macramé en high tech–materiaal tot een zeer geslaagde zetel leidt.

Ambachtelijk vs industrieel

Dit brengt ons tot één van de preoccupaties doorheen de carrière van Gijs Bakker; de discrepantie tussen het ambachtelijke en het industriële.

Gijs Bakker heeft altijd een moeizame relatie met het artisanale gehad; opgeleid in de toegepaste kunst, waar handenarbeid en het leren van het ambacht hoog in het vaandel stond, zet hij zich er al vroeg tegen af en kiest ervoor, zoals al eerder gesteld, te werken met nieuwe, industriële materialen en technieken als kunststof. Toch is hij achteraf gezien blij dat hij in die traditie is opgeleid in tegenstelling tot latere generaties die deze kennis en kunde niet hebben meegekregen, en waardoor het ontwerpen nu zo is weggedreven van het maken, de eigenlijke arbeid en ook het ambacht.

Op vraag uit het publiek of hij nog een toekomst ziet voor het ambacht/ de vakmensen, blijkt zijn ambivalente houding nog steeds te bestaan, maar ziet hij ook grote mogelijkheden.

De toekomst is er wel voor het ambachtelijke, maar moet dan wel helder gezet worden: in onze cultuur, zo stelt Bakker, hebben de ambachtslui de neiging zich op gelijke hoogte als de kunstenaar te plaatsen. Maar hier draait het meestal om kunstige hoogstandjes in vaardigheid, en daar gaat het volgens Bakker niet om, het moet in de kunst alsook in het design juist om de inhoud gaan.

De samenwerking tussen ambachtslui en ontwerpers juicht hij wel van harte toe; dat kan leiden tot fantastische dingen, zoals hij de laatste jaren als artistiek leider van  het nieuwe designlabel Yii Taiwan heeft ervaren. Doel van dit project is, ironisch genoeg voor iemand die zo afkerig staat tegenover het ambacht, om de artisanale tradities levend te houden en een wisselwerking met ontwerpers te bewerkstelligen, om zo tot vernieuwend design te komen.

Design Academy Eindhoven

Het contact met Aziatische culturen komt niet uit het niets. Gijs Bakker is als docent en hoofd van de Master-opleiding al jaren verbonden aan de Design Academy Eindhoven, die met haar groeiende internationale reputatie ook een groeiend aantal buitenlandse en met name Aziatische studenten heeft binnengehaald. Deze studenten denken, zo vertelt Bakker, dat ze het trucje van Dutch Design in Eindhoven zullen leren, maar zij worden juist geleerd om vanuit hun eigen cultuur te denken. Dat is een belangrijk uitgangspunt dat hij alle studenten wilt bijbrengen: wees je bewust van de cultuur van waaruit je denkt en maakt. Als je je ervan bewust bent, kan je je ertoe verhouden, positief of negatief. De uitgangspunten van de Design Academy zoals Bakker die opnoemt, zeggen ook veel over Bakkers eigen ideeën en werkwijze: Zo zullen studenten worden opgeleid in het besef dat design zich niet moet richten op de industrie maar op de mens. Daar is zelfs de hele opbouw van de Master-opleidingen van de Design Academy op gestoeld: contextual design, social  design en information design. Daarbij verwacht men dat studenten tijdens de Bachelor het vak leren maar tijdens de Master zullen zij worden gevormd tot persoonlijkheden, die een brede maatschappelijke visie ontwikkelen.

Invloedsfeer

Gijs Bakker heeft met zijn eigen werk, alsook met Droog, beeldbepalende ontwerpen voortgebracht. Maar zoals uit zijn uiteenzetting over de Design Academy en zijn mentorschap duidelijk wordt, blijken het vooral zijn denkbeelden over design die enorme invloed hebben gehad. Hij staat mee aan de wieg van de grote veranderingen die zich met name de laatste 20 jaar in de designwereld hebben voorgedaan, zoals de conceptuele en contextuele manier van werken, de meer autonome positie die designers innemen (in tegenstelling tot de faciliterende rol in het verleden) en de brede, maatschappelijke scope die het vak van ontwerper nu beslaat en die zich in de toekomst nog meer zal manifesteren. 

Deze invloed maakt Gijs Bakker tot een ‘Grote Meneer’ in de internationale designwereld, best knap voor een ontwerper die altijd zo eigenwijs is geweest om te focussen op zijn eigen verhaal en zijn eigen persoonlijke ontwikkeling en nooit heeft willen ontwerpen voor een publiek.

Gijs Bakker:  een ontwerper met een kunstenaarsattitude of een kunstenaar met als beroep ontwerper?

* Gijs Bakker (Amersfoort, Nederland, 1942) studeerde sieraadontwerp en industrieel design aan de Gerrit Rietveld Academie in Amsterdam en de Konstfack Skolen in Stockholm. Bakkers ontwerpen omvatten sieraden, woonaccessoires, huishoudapparaten, meubilair, maar ook o.a. ontwerpen voor de publieke ruimte en tentoonstellingen. Hij werkte en werkt nog steeds voor talrijke bedrijven, waaronder Polaroid, Artifort, Droog Design, Castelijn, HEMA, Royal VKB, ENO Studio en recent ook als artistiek directeur bij Yii, Taiwan. Samen met designcriticus en kunsthistorica Renny Ramakers richtte Bakker in 1993 Droog Design op, dat ‘Dutch Design’ op de kaart zette en een grote invloed uitoefende op de internationale designwereld. Ook is hij medeoprichter van ‘Chi ha paura...?’: een stichting die de sieraad- en ontwerpwereld dichter bijeen probeert te brengen en hedendaags sieraadontwerp promoot. Daarnaast geeft Gijs Bakker al meer dan 40 jaar les aan verschillende scholen en is hij al meer dan 20 jaar verbonden aan de Design Academy Eindhoven, waar hij hoofd is van de Master Contextual Design. Gijs Bakker geeft over de hele wereld workshops en lezingen over zijn eigen werk, CHP…? en Droog Design en treedt geregeld op als jurylid.