Hedwig Brouckaert: Kunst als Pleidooi voor Traagheid

“Laag na laag aanbrengen zoals in een collage, maximaal met de texturen spelen en verschillende verhalen opeen stapelen. Als een soort rottende humus. Dat houdt me nu bezig”, vertelt Hedwig Brouckaert terwijl ze enthousiast haar meest recente onafgewerkte stukken toont. Het is meteen duidelijk: haar kunst heeft iets intrigerend. Heerlijk om als toeschouwer in te verdwalen.

‘Re/pro/ducing Complexity’, de titel van de tentoonstelling, die op 23 oktober in het museum Dhondt-Dhaenens in Deurle opent, is raak gekozen. Binnen dit concept nodigt de Duitse kunsthistoricus Peter Lodermeyer drie kunstenaars uit: de Duitse Jorinde Voigt, de Nederlandse Nelleke Beltjens en onze eigen Hedwig Brouckaert. Laatstgenoemde werkte haar luik voor de expo de afgelopen maanden verder uit tijdens een inspirerende residentie in Flacc.

Ze had er onder andere de kans om goede prints op groot formaat te maken, een essentieel element in haar creatieproces. “Een gewone print blijft vlak. Door erop verder te tekenen, creëer ik een nieuwe diepte”, vertelt Hedwig Brouckaert. Voor dat arbeidsintensieve proces bood Flacc zijn know-how graag aan. “Het team van Flacc ondersteunt en denkt mee. Je krijgt alle ruimte om te experimenteren. Bovendien is Kevin Reynaert van Flacc zelf artistiek actief, waardoor je tal van ideeën kan uitwisselen.”


Bilateria – G, C, Hedwig Brouckaert, 2011, Drawing on archival inkjet print on Hahnemühle Matt Fine Art paper

Weg van de wereld

Omdat Brouckaert afwisselend in New York en Gent woont, verbleef ze af en toe een paar weken in Flacc. “Langer was onmogelijk, waardoor het contact met collega-kunstenaars minder intensief was. Toch is het werken in aanwezigheid van andere artiesten sowieso stimulerend. De diversiteit aan artistieke expressievormen in Flacc deed me met andere ogen naar mijn eigen werk kijken. Doordat ik zo ver weg zat van alles, kon ik volledig opgaan in mijn eigen wereld en heb ik geleerd om voor alles de tijd te nemen. Alle drukte en afleiding van de stad eventjes missen, doet wel goed”, blikt ze terug.

Nadat ze haar dossier indiende, sprong Flacc vrij snel mee op de kar. “Het partnership met het museum Dhondt-Dhaenens vormde een ideale basis voor de samenwerking. Aangezien Flacc ondertussen een stevige reputatie opgebouwd heeft, is het als kunstenaar niet zo evident om er binnen te geraken. De digitale studio, technische assistentie en creatieve omgeving waren voor mij onbetaalbare hulpmiddelen. Na deze residentie is het verhaal trouwens niet afgelopen, want ze hebben me gevraagd om een installatie te maken voor het Flacc zelf.”

De charme van het mysterie

Een blik op de voorstudies zegt meer dan duizend woorden. Dit is kunst waar je op zijn zachtst gezegd tijd voor nodig hebt. “Het gaat om een andere benadering van tijd en ruimte”, verduidelijkt Brouckaert. “Mijn werken zijn heel traag opgebouwd en lijken abstract, hoewel ze steeds gebaseerd zijn op bestaande figuratieve beelden van de massamedia. Door de functionaliteit van de boodschap van bijvoorbeeld reclamebeelden teniet te doen wordt het universeler. Het banale wordt overstegen. Het vraagt veel meer tijd om het te maken en is voor de toeschouwer veel minder gemakkelijk consumeerbaar. Die transformatie van een banaal beeld naar iets mysterieus boeit me uitermate. Al blijft de referentie naar onze concrete westerse wereld ondanks het abstracte karakter wel essentieel. Want ik zou nooit uit het niets iets abstract kunnen maken.”

Toeval speelt een enorm belangrijke rol in het proces. “Omdat ik met carbonpapier en fijne puntnaalden werk, zit ik altijd met een vrij onvoorspelbare tussenlaag. Door accidentjes onderweg en andere toevalsfactoren weet ik nooit waar ik precies uitkom. Natuurlijk heb ik een begin- en eindpunt in gedachten, maar daartussen is een werk geregeld de speelbal van het toeval.”

Gezonde verslaving

In de printseries vertrekt Brouckaert van beelden uit magazines die dan keer op keer worden bewerkt. “Die beelden kunnen zowel uit lifestylemagazines als uit simpele reclamefolders komen”, verduidelijkt ze. “Ook in de bewerking zijn er tal van mogelijkheden: het basisbeeld volledig behouden en ook qua schikking en formaat dezelfde weg bewandelen of een detail uitvergroten. Mijn vroegere werken waren veel toegankelijker en figuratiever. De laatste serie ‘Uprooted’ is bijvoorbeeld alleen gebaseerd op het haar van figuren uit tijdschriften. Ik laat alsmaar meer weg en ga minuscule elementen opblazen. Het werkt een beetje verslavend”, lacht Hedwig.

Ook qua kleurgebruik is er een duidelijke evolutie. “Na een bijzonder kleurrijk begin ontdekte ik al snel de kracht van soberheid. Door simpelweg één kleur toe te voegen, zoals rood of blauw, wordt je werk heel grafisch en vergroot de emotionele impact. Ik vind kleur belangrijk, maar ik probeer met één gerichte tint het werk een eigen karakter te geven. Bovendien kan een rake kleur die idee van diepte en gelaagdheid versterken.”

“Als ik werk, laat ik alle gebruikte magazines op de grond liggen, waardoor ik steeds naar die bonte kleurenweelde kijk. Via kleur verkopen die glossy modetijdschriften hun waren. Door de foto’s te bewerken neem ik er laag per laag afstand van. Aan de ene kant zijn digitale prints daarvoor een heel dankbaar medium, aan de andere kant kan je je er als kunstenaar ook in verliezen. Je kan altijd een stap terug- of verdergaan. Op de computer zijn de mogelijkheden onbeperkt. Tegelijk geef je het creatieve proces een beetje uit handen door die technische afhankelijkheid. Als je gewoon op papier tekent, heb je dat natuurlijk minder. De combinatie van de twee processen, printen en tekenen, komt hieraan tegemoet en geeft die oneindige gelaagdheid die ik zoek in het werk.”

Ruimte in beweging

De artistieke wereld ontdekte Hedwig tijdens haar studies beeldhouwkunst in Brussel. Daarna trok ze naar Californië en ging ze twee jaar aan de slag met sculpturale keramiek. In die periode begon ze intensief te tekenen en eigenlijk is ze nooit meer gestopt. “Tekenen is een meer conceptuele werkwijze. Ik kan er mijn stortvloed aan ideeën gemakkelijker in kwijt. Door met keramiek te werken geraakte ik meer en meer geïnteresseerd in de oppervlakte. Daarop ging ik dan tekenen en schilderen. Later resulteerde dat in het werken met prints. Dat grote installaties me nog steeds interesseren, is denk ik een overblijfsel van het werken in 3D.”

De ruimte in beweging zetten, daar is het Hedwig om te doen. Haar werken ademen complexiteit uit. Al denkt niet iedereen daar zo over. “Gisteren was mijn neefje van vijf hier op bezoek en die zei: ‘Hedwig, jij tekent als een kindje!’ Buiten kindjes van vijf zeggen ook andere mensen wel dat het maar vluchtig gekrabbel is”, lacht Brouckaert. “Maar hen overtuigen van het langdurige creatieproces interesseert me niet echt. Het gaat me meer om de boodschap erachter.”

Schuilt er dan toch een maatschappijkritisch aspect in haar werk? “Zeker en vast, maar niet op een politieke manier zoals een Barbara Kruger. Het gaat meer om de vaststelling: ‘In deze maatschappij leef ik en daar moet ik mee verder.’ Ik wil mensen laten nadenken, zodat ze het systeem niet zomaar aanvaarden. Het gaat om bewustzijn scheppen, niet om beleren. Ik wil niet zo zeer bepaalde stereotypes doorbreken, maar vooral de snelheid van de maatschappij even afremmen. Neem bijvoorbeeld het nieuws: dat gaat zo snel en moet in een mum van tijd geconsumeerd worden. Je krijgt amper de tijd om bij de zaken stil te staan.”


Untitled, Hedwig Brouckaert, Knack Weekend 18-24 maart 2009

Proces in beeld

Het monnikenwerk dat Hedwig aan haar tekeningen besteedt, heeft ze alvast gemeen met de twee andere collega-kunstenaars op de tentoonstelling in het museum Dhondt-Dhaenens. “Jorinde maakt heel abstracte tekeningen, maar vertrekt ook altijd van data of van concrete gegevens zoals de vlucht van een adelaar. Op basis daarvan maakt ze heel complexe, bijna wetenschappelijk uitziende tekeningen. Nelleke werkt op een heel andere manier: direct abstract en heel verfijnd. Het idee van afstand, van ver naar iets kijken en dan alsmaar dichter komen, dat geeft een enorm verschillend beeld. Die idee van gelaagdheid, van de verschillende manieren van kijken naar een kunstwerk, zit er bij alle drie in. Zo kan mijn werk van ver vlak lijken. Maar hoe dichter je komt, hoe meer verschillende facetten je kan ontdekken. Dat mensen 101 verschillende dingen in hetzelfde werk zien, maakt het interessant.”

De werken voor de expo vormen volgens Brouckaert een mooie afspiegeling van het dynamische karakter van haar kunst. Onder de titel ‘Uprooted’ exposeert ze drie tekeningen op groot formaat, een grote installatie op de ruiten bij de ingang en een aantal kleinere voorstudies voor deze installatie. “We willen een proces in beeld brengen. Zo krijg je pas zicht op de complexiteit en energie van het creëren. Het nodigt de toeschouwer uit om binnen te stappen in onze wereld. Omdat we met drie exposeren, is het de kunst om tot een sterk verhaal te komen binnen de ruimte die je hebt. Tegelijkertijd moeten we opletten dat het geen drie losse delen zijn.”

Gefragmenteerde werkelijkheid

De notie van continuïteit is meer dan ooit aanwezig. “Als ik in mijn printseries aan de slag ga met een coverfoto van een bepaald magazine, zet ik er uiteindelijk zoveel lagen op dat er bijna niets meer van het origineel overschiet. Met de nadruk op ‘bijna’, want ik zorg er wel voor dat niet alle sporen uitgewist zijn. Die beslissingen hebben een enorme impact. Als je bijvoorbeeld van een foto enkel het haar gaat gebruiken, heeft dit een heel ander psychologisch effect dan een volledig aangezicht of lichaam met armen en benen erbij. Door een foto of scan te nemen van de cover, die uit te printen en daarop te tekenen, creëer ik een basislaag. Doordat het beeld nu digitaal is, kan je het bewerken, door bijvoorbeeld te spelen met de schaal en het in negatief te zetten”, legt Brouckaert uit.

De eerste bewerking wordt ingescand, geprint en nog eens bewerkt door te tekenen. “In feite kan dit tot in het oneindige doorgaan. Door het veelvuldig scannen treedt er op zijn beurt ook een soort ruis op die het werk mee gaat beïnvloeden. In tegenstelling tot bij Jackson Pollock, met wie mensen me al eens vergelijken, blijft de lijnvoering wel steeds gecontroleerd. Een geweldig compliment om met zo’n fantastisch kunstenaar vergeleken te worden, maar ons werkproces en vertrekpunt zijn compleet verschillend.”

Ook licht speelt een enorme rol en daar moet je bij een tentoonstelling rekening mee houden. Zo is de raaminstallatie bij de ingang van de expo een soort kantwerk dat wel licht doorlaat, maar niet helemaal transparant is. “Zo ontstaat een gefragmenteerde werkelijkheid. Met een hopelijk unieke kijkervaring voor het publiek”, besluit de kunstenares.

Olivier Constant

Tentoonstelling ‘Re/pro/ducing Complexity’, van 23 oktober tot 8 januari 2012 in het museum Dhondt-Dhaenens.

hedwigbrouckaert.net
www.flacc.info